dinsdag 6 juli 2010

oude Profiel start tot 7 juli 2010

Ik ben gelukkig getrouwd met de leukste man ter wereld. Ik kan hem het beste omschrijven als energiek, ondeugend en passievol.Samen hebben wij twee fantastische meiden. We leven, samen met mijn tante in een multifunctioneel huis. Onze zijde wordt gedomineerd door de leefkeuken en een grote open haard. Haar zijde bevat naast haar spirituele praktijk ook een heerlijke plek voor de gashaard.Mijn leven heeft een onverwachte wending genomen. (wederom)Toen ik 20 was ben ik jaren chronisch moe geweest. Ik heb toen veel geleerd over welke prioriteiten ik nou werkelijk het belangrijkste vind.Vorig jaar ben ik na een zeer vervelende periode gestopt met de participatie in ons familiebedrijf. Tevens heb ik veel met mijn vader en moeder opgetrokken omdat hij onverwacht in een traject van chemo's belanden.Nu is mijn leven gelukkig veel rustiger en is er ruimte voor oude dromen die al jaren lagen te wachten om te ontkiemen. Mijn grootste droom is biologische katoen. Ik onderzoek of ik hier iets mee kan gaan doen.

vrijdag 2 juli 2010

Logeetje

Het was al maanden geleden afgesproken. Haar ouders hadden een tweedaagse training en ze zochten een vertrouwd adres voor hun dochter. Ze heeft een glutenintolerantie en het is dan moeilijk om een logeeradres te vinden. Ik had gezegd dat het geen probleem was.
Toch, toen de datum naderde, vroeg ik me af hoe het zou gaan. We hadden elkaar al geruime tijd niet gezien en geruime tijd in mijn leven was een eeuwigheid in haar zevenjarig bestaan. Toen bleek ik ook nog haar niet op te kunnen halen. Ik vroeg tante, maar ze kon niet. Ik vroeg mijn vader, maar die bleek twee dagen voor de grote dag ook niet te kunnen. Mijn lief wist niet of hij tijd vrij kon maken en ik had mijn afspraak al bijna afgezegd. Toen keerde het tij. Mijn lief wist tijd te maken en Dorelijn wilde graag mee haar ophalen.
Toen ik thuis kwam zat ze al op de bank. Parmantig tussen mijn meiden in. Ze genoten van een Barbie-film. Mijn meiden bleken goud waard. Ze wisten onvermoeid met haar de dagen door te komen. Samen tekenen, samen ijstaart maken. Samen film kijken, samen spetteren in het opblaasbadje. De logeerpartij vloog voorbij en ik had er eigenlijk geen omkijken naar.
's Avonds verbaasde ik me over de kleur van haar ogen. Ik kom zelden mensen tegen met die licht-donkerbruine kleur net als ik. Ook haar navel is net als mijn navel, toen ik zou oud was; Iets bol naar buiten.
De laatste middag liepen we samen een stukje. Het was zinderend heet en de brievenbus leek ver. Ze vertelde dat bij hun thuis de brievenbus veel dichterbij was. Ik vertelde haar over haar moeder, die vroeger niet zo goed kon lopen. Over dat ze me op een dag opbelde om te vertellen dat ze naar die brievenbus was gelopen en hoe blij ze toen was. Zij vertelde over de laatste vakantie. "Toen was mama ook geblesseerd." Het laatste woord kwam er wat voorzichtig uit. "En toen ze daarna weer kon lopen was ze ook echt heel blij." Ik realiseerde me opeens hoe gelijkwaardig dit gesprek was. Later liepen we over een richeltje bij de nieuwe rotonde. Ze liep voorop en ik volgde haar. Bij de dikke lijntjes balanceerde ze even met haar armen wijd en bij randen van de ene richel naar de andere maakte ze een sprongetje. Ik volgde. Het duurde even voor ik het goed deed, maar ze corrigeerde me met geduld. "Nee, Tonja. Eerst je linkervoet vooruit en dan je armen zo!"
Die avond kwamen haar ouders haar ophalen. Ik had aangeboden om voor ze te koken. Alsof ze vorige week nog geweest waren, zo soepel pikten we de draad weer op. We aten samen en ze vertelden honderduit over hun cursus. We lachten, maakten muziek, wandelden door de tuin en kwamen in gesprek.
We spraken over hun kleine meid en hoe soepel ze in ons gezin mee liep. Von's ogen werden zacht. In haar zwangerschap had ik dit zieltje al gevoeld en contact gemaakt. Ze sprak uit dat wij toen al een bijzonder lijntje hadden en dat het haar niets verbaasde dat dit nog steeds zo was. Ze voegde er aan toe: "Zelfs jullie voedselintolerantie is hetzelfde." Die waarheid maakte me even koud.
Het is een bijzonder meisje. Energetisch bijzonder en mentaal sterk. Ze heeft een bijzonder plekje in mijn hart.

zaterdag 26 juni 2010

Laatste dagen

De afgelopen weken zijn doorspekt van laatste keren. Mijn kleine meid verlaat bijna de basisschool. De laatste avondvierdaagse is gelopen. Het laatste keer oudertoneel is gespeeld. De eindmusical komt eraan en dan rest haar nog de laatste schooldag.

Regelmatig hoor ik dat liedje in mijn hoofd. "Op de laatste schooldag van het laatste jaar..." Een zekere weemoed bevangt mij bij al deze laatste keren.

Na de laatste oudertoneelvoorstelling kreeg mama een telefoontje. Petra was nog slechter. Of ze nog even langs wilde komen. Het haalde niet uit hoe laat het was.
Ze ging naar het ziekenhuis. Petra was vier maanden geleden nog gezond en nu werd ze opgegeven. De doktoren kunnen niets meer voor haar doen. Ze wilde zo graag praten met Jeannette. Over wat geweest was en wat er kwam. Over haar dromen en over wat haar restte. Over hoe het nou verder moest met haar dierbaren, als zij er niet meer was. Wat haar laatste wensen waren. Jeannette luisterde en schreef later alles op. Zo raakt ze verweven in de laatste dagen van Petra. Mooie dagen en zware dagen.

Het verschil tussen mijn laatste dagen en Petra's laatste dagen trof me. Ik was weemoedig omdat ik het tijdperk met basisschoolkinderen afsluit. Zij sluit haar leven af. Door dat besef lost mijn weemoed op. Wat over blijft, is genieten. Ik geniet van Joja's laatste schooldag. Ik geniet van haar stralende rol in de musical. Ik verwonder me over hoe ze gegroeid is van een lispelende kleuter naar een prachtig, duidelijk en natuurlijk articulerend talent op het podium.

Ik geniet van de laatste keren. Ik geniet met volle teugen.
En ik bid dat Petra ook kan genieten van haar laatste dagen.

woensdag 16 juni 2010

Zon


Mijn lief klaagde dat hij de zon deze winter zo gemist had. Hij ging jaren lang iedere winter op reis naar de Caribbean. Die tijden zijn voorbij.
Ik dacht even na en moest toen concluderen dat ik de zon niet specifiek gemist had. Nou ben ik nooit zo'n reiziger geweest, maar dat terzijde.
Ik heb wel genoten van de eerste voorjaarszon.
Vooral op Pinksterweekend troostte de zon mij, toen mijn hart wat koud was.
En op drukke dagen kan ik 's morgens al voorgenieten bij het idee dat ik 's middags een halfuurtje steel met een mooi boek in de tuin. Dan zit ik op mijn lievelingstoel en laat de zon alle drukte uit me wegstralen.
Want ik hou wel heel erg van de zon, maar ik heb hem niet gemist.
Wellicht omdat ik zo genoten heb deze winter. Het gaat goed met me. Ik kan regelmatig meer dan ik dacht. Ik heb meer energie en geniet van mijn lijf dat eindelijk eens wel mee werkt. Ik vind mijn werk leuk en uitdagend. Ik heb bijzondere collega's. Ik heb het heerlijk met mijn meiden. Het lijkt wel of ze iedere week groter worden en vooral verbazen ze me hoe ze innerlijk ook volgroeien. Ze zijn leuk, soms opstandig en tegendraads, vol humor en een geheel eigen blik op de wereld. Ik had nooit kunnen denken dat ze zulke mooie mensen zouden worden en dat ik zo van ze zou houden. En mijn lief is er natuurlijk. Ik vind het mooi zoals hij zijn weg zoekt en vindt en ben dankbaar dat hij dat met mij doet. Sommige vrienden zou ik misschien iets vaker kunnen zien, maar als ik ze zie is het heerlijk. Mijn ouders en tante leven het leven voor, zoals het geleefd moet worden. Alles te samen geeft dit me zoveel liefde en zonneschijn in mijn hart, dat ik eigenlijk amper gemerkt hebt dat het winter was.

(Inderdaad Z., je hebt gelijk. Ik ben niet zo'n goede observator als ik zoiets evidents als de winter kan missen.)

zaterdag 12 juni 2010

A4d en verlaten vrouwen

Tijdens de avondvierdaagse kwam ik in gesprek. Ik liep dinsdag naast A. en op een moment zei ze dat ze eigenlijk niet had hoeven scheiden van J. Hun scheiding heeft voor mijn komst naar Culemborg gespeeld en ik wist er weinig van. Wel had ik me altijd verbaasd dat twee zulke leuke mensen, die zo in harmonie met elkaar hun ouderschap deelden, uit elkaar gegroeid waren. Haar opmerking intrigeerde me en ik vroeg haar waarom ze wel gescheiden waren. Ze keek me aan en leek zich opeens te realiseren dat ik het niet wist. Ze lachte, maar de lach bereikte haar ogen niet. "O, hij werd verliefd op een meisje van het werk. Veel jonger. Hopeloos verliefd."
Soms is het leven vreemd en kan ik de kronkels niet volgen. En soms lijken zaken heel helder en is het moeilijk te geloven dat er toeval bestaat.
Ik luisterde naar haar verhaal. Over de pijn, maar ook over de kracht die ze gevonden had. Over haar verworven zelfredzaamheid en haar tegenzin om deze weer op te geven, nu ze weer een nieuwe liefde gevonden had. Ik luisterde en hoorde haar. Het is een mooie, sterke vrouw. Ze houdt veel van haar kinderen en die komen overduidelijk op de eerste plaats in haar leven. Maar ze geniet ook. Van haar nieuwe vriend en van haar vrijheid. Ze heeft het verdriet een plaats gegeven en dat maakt haar een dapper mens.
Donderdag liep ik naast M. We kwamen op de middelbare school keuze van Jojanneke. Toen ik vertelde dat Dorelijn ook op Lek en Linge zit, lachte ze schamper. "Daar werkt mijn ex ook." Op mijn vragende blik zei ze me zijn lettercode, waar alle leraren mee aangeduid worden op de roosters. Ik keek verbaasd op. Dat was de mentor van Door. M. vroeg hoe hij het deed en de eerlijkheid gebood me te zeggen dat dat niet zo heel goed was. Ze genoot van dit bericht.
Hij was twee jaar geleden plotseling weg gegaan. Verliefd op een jongere collega van 36.
Ik kreeg kippenvel.
Hij bleek al enige tijd niet gelukkig te zijn geweest in hun huwelijk, maar had dat haar nooit verteld. De pijn droop van haar af. Ze was licht rancuneus naar hem. Genoot van alle berichten dat het slecht met hem ging, na de hel waar ze door zijn toedoen doorheen gegaan was.
Ze had een theorie dat mannen tussen de 40 en 50 de kolder in hun kop krijgen.
Weer luisterde en hoorde ik. We lachten samen en het is me dierbaar dat ze haar verhaal met me deelde, maar haar pijn sneed door mijn ziel en thuis kon ik er maar moeilijk van loskomen.

dinsdag 8 juni 2010

woensdag 2 juni 2010

Teleurstelling

Ik had een rotbui. Ik ben tegen mijn grenzen aangelopen. Ik kan het niet en dat haat ik. Ik baalde van de onprofessionele organisatie met zijn incapabele medewerkers. Maar ik ben het meest teleurgesteld in mijzelf, omdat ik hier zo naadloos in pas.
Ik wil niet zo zijn en dat zet me aan het denken. Over wat ik kan en wat ik wil. Over wat mij levensvreugde geeft en wat ik wil brengen in deze wereld. Ik weet het niet, maar ik weet wel dat ik niet zo door kan.
Mijn lief zucht om mijn bui en zegt me niet zo hard te oordelen over mezelf. (Hij onthoudt zich van commentaar over de organisatie.)