Op 7 november stond ik al tien minuten te wachten tot onze hamburger gaar zou zijn. Deze werd speciaal voor ons gebakken. Het duurde lang. Langer dan hij gezegd had en langer dan ik had gedacht. Opeens viel mijn oog op het werkblad waar de kok zijn spatel op legde. Daar lagen broodkruimels. Ik stond in dubio. Zou ik zeggen dat ik deze hamburger niet mocht en hem laten proberen een nieuw exemplaar glutenvrij te maken? Zou dat wel kunnen, hier met deze kok? Was het eigenlijk wel zo erg? Wat zijn nou een paar kruimeltjes?
Ik nam een besluit. Ik dacht "Living on the edge!" Wat kan een kruimeltje nou voor kwaad.
Twee dagen later sloeg de vermoeidheid toe. De zwaartekracht leek sterker en iedere trap hoger dan de dag ervoor. De angst sloeg me om het hart. Een week later sprak ik mijn bange vermoedens uit tegen M. Weer een week later zat ik bij mijn homeopatisch therapeut en zij bevestigde wat ik al wist. Ik had gluten binnen gekregen. Darmvlies weer een heel stuk achteruit, darmflora weer maanden achterop. Ik lachte wrang. Ik dacht "living on the edge" maar ik kukelde er over.
Kruimeltjes zijn voor de vogeltjes niet voor Tonja.
maandag 30 november 2009
zaterdag 28 november 2009
Hans
Vandaag hebben we Hans begraven.
De mis werd gekleurd door zijn kinderen en vrouw die hun herinneringen met ons deelden. En zo werd een beeld geschetst van een opmerkelijk man. Hij was er altijd. Hij was wijs. Hij zorgde met immense tederheid voor de zijnen. Hij had geworsteld in zijn leven en zijn gezin met hem. Hij was een levensgenieter die iedere dag bijzonder wist te maken. Ik leerde kanten van zijn leven kennen die ik niet eerder had gezien. Ze huilden en ik huilde mee.
Hij heeft een vrouw en vijf kinderen achter gelaten. En ze waren er nog niet aan toe om afscheid te nemen. Zij had al tweemaal op de rand van de dood gebalanceerd en begon haar speech met heel eerlijk te vertellen dat ze nooit had kunnen denken dat zij hier zou spreken. Wij ook niet. Allen hadden gedacht dat zij eerder gehaald zou worden. Maar ze vertelde naast haar verdriet ook over hun liefde. "Ik ben veertig jaar verliefd geweest op hem. Als ik hem zag dan sprong mijn hart op. En hij was veertig jaar verliefd op mij. Dat is een geschenk dat weinigen krijgen."
Het was een regenachtige dag, maar toen ging de zon schijnen. Hij drong door tot de diepe kern van de kerk en verlichtte de dag.
Vaarwel Hans. Het ga je goed.
De mis werd gekleurd door zijn kinderen en vrouw die hun herinneringen met ons deelden. En zo werd een beeld geschetst van een opmerkelijk man. Hij was er altijd. Hij was wijs. Hij zorgde met immense tederheid voor de zijnen. Hij had geworsteld in zijn leven en zijn gezin met hem. Hij was een levensgenieter die iedere dag bijzonder wist te maken. Ik leerde kanten van zijn leven kennen die ik niet eerder had gezien. Ze huilden en ik huilde mee.
Hij heeft een vrouw en vijf kinderen achter gelaten. En ze waren er nog niet aan toe om afscheid te nemen. Zij had al tweemaal op de rand van de dood gebalanceerd en begon haar speech met heel eerlijk te vertellen dat ze nooit had kunnen denken dat zij hier zou spreken. Wij ook niet. Allen hadden gedacht dat zij eerder gehaald zou worden. Maar ze vertelde naast haar verdriet ook over hun liefde. "Ik ben veertig jaar verliefd geweest op hem. Als ik hem zag dan sprong mijn hart op. En hij was veertig jaar verliefd op mij. Dat is een geschenk dat weinigen krijgen."
Het was een regenachtige dag, maar toen ging de zon schijnen. Hij drong door tot de diepe kern van de kerk en verlichtte de dag.
Vaarwel Hans. Het ga je goed.
maandag 16 november 2009
De theoloog, de filosoof en de heks
Al toen ik net op deze afdeling zat, voelde ik dat het goed was.
Het was alsof een engel op mijn schouder in mijn oor fluisterde dat het goed was dat ik C. werkelijk zou ontmoeten. Want ontmoeten doe je elkaar in zo'n samenwerking. Je mooie zijden en je schaduwzijden komen aan bod.
C. is een opmerkelijk man. Er is een goed theoloog en een historicus aan hem verloren gegaan en nu heeft hij een commerciele inkoopfunctie. Maar op geheel eigen wijze weet hij de theologie en zijn geschiedenispassie te verweven in deze functie. Dit resulteert in een heel bijzondere inkoper, maar vooral in een bijzonder mens. Hij komt uit een streng gelovig milieu en nog steeds heeft zijn geloof een prominente plek in zijn bestaan. Wat hem onderscheidt is zijn open houding. Hij is oprecht nieuwsgierig en geeft ruimte, ook aan kritische meningen. En hij kan lachen als geen ander. Zo relativeert hij en ontspant hij en ik met hem.
Onze afdeling herbergt ook een filosoof. I. heeft een beschouwende levenshouding en weet zijn scherpe blik met een vleugje cynisme neer te zetten. Maar zijn cynisme is niet ondermijnend, eerder opbouwend. Hij weet productief zijn mening te verwerken en daardoor is hij een fijn mens om mee samen te werken. Alhoewel het even geduurd heeft voor ik dit zag. Ik zag eerst zijn eeuwig gematigde mening: "Het was niet slecht" betekende dat het prima was. Nu is dat anders. Misschien zijn we ook veranderd in onze samenwerking, want ik zie steeds meer een hele warme kant van hem. Hij geeft regelmatig oprechte complimenten. Hij ziet het altijd als eerste als ik niet helemaal lekker in mijn vel zit. Het is fijn vertoeven met hem.
En ik, wat is mijn rol in dit drieluik? Ik schud ze soms wakker. Ik confronteer ze met wat ze vorige week zeiden. Ik houd ze bij de les, door staccato te vergaderen. Ik lach met ze en langzamerhand weet ik zonder professionaliteit in te leveren, menselijker te worden. Ik krijg de ruimte om de afdeling te professionaliseren en meer mezelf te zijn. Want ze zijn oprecht geinteresseert in dit heksje. Schoorvoetend vind ik mijn weg en samen lachen we iedere dag.
Het was alsof een engel op mijn schouder in mijn oor fluisterde dat het goed was dat ik C. werkelijk zou ontmoeten. Want ontmoeten doe je elkaar in zo'n samenwerking. Je mooie zijden en je schaduwzijden komen aan bod.
C. is een opmerkelijk man. Er is een goed theoloog en een historicus aan hem verloren gegaan en nu heeft hij een commerciele inkoopfunctie. Maar op geheel eigen wijze weet hij de theologie en zijn geschiedenispassie te verweven in deze functie. Dit resulteert in een heel bijzondere inkoper, maar vooral in een bijzonder mens. Hij komt uit een streng gelovig milieu en nog steeds heeft zijn geloof een prominente plek in zijn bestaan. Wat hem onderscheidt is zijn open houding. Hij is oprecht nieuwsgierig en geeft ruimte, ook aan kritische meningen. En hij kan lachen als geen ander. Zo relativeert hij en ontspant hij en ik met hem.
Onze afdeling herbergt ook een filosoof. I. heeft een beschouwende levenshouding en weet zijn scherpe blik met een vleugje cynisme neer te zetten. Maar zijn cynisme is niet ondermijnend, eerder opbouwend. Hij weet productief zijn mening te verwerken en daardoor is hij een fijn mens om mee samen te werken. Alhoewel het even geduurd heeft voor ik dit zag. Ik zag eerst zijn eeuwig gematigde mening: "Het was niet slecht" betekende dat het prima was. Nu is dat anders. Misschien zijn we ook veranderd in onze samenwerking, want ik zie steeds meer een hele warme kant van hem. Hij geeft regelmatig oprechte complimenten. Hij ziet het altijd als eerste als ik niet helemaal lekker in mijn vel zit. Het is fijn vertoeven met hem.
En ik, wat is mijn rol in dit drieluik? Ik schud ze soms wakker. Ik confronteer ze met wat ze vorige week zeiden. Ik houd ze bij de les, door staccato te vergaderen. Ik lach met ze en langzamerhand weet ik zonder professionaliteit in te leveren, menselijker te worden. Ik krijg de ruimte om de afdeling te professionaliseren en meer mezelf te zijn. Want ze zijn oprecht geinteresseert in dit heksje. Schoorvoetend vind ik mijn weg en samen lachen we iedere dag.
woensdag 4 november 2009
Gouden stem
Ik nam deel aan een zang workshop. Nu is mijn stem niet zo toonvast en helaas ook niet altijd zuiver. Terwijl ik ploeterde om me mijn partij eigen te maken, verveelde hij zich. We kregen oogcontact en moesten lachen. Hij had een andere partij en had de pech dat die als laatste uitleg kreeg. Om de tijd te door te komen, kwam hij bij ons, sopranen staan. Hij had een uitzonderlijk bereik voor zo'n groot lichaam. Hij kon met gemak de vrouwelijke sopranen bijhouden.
Later vertelde hij me dat hij niet ijdel was op zijn uiterlijk, schoolprestaties of wat dan ook, behalve zijn stem. Hij zong in het kerkkoor. Ik moest grinniken bij het idee. Hij straalde ondeugd uit. Een ondeugend jongetje in een volwassen lichaam. Met zijn zestien jaren leek zijn lichaam soms veel te groot voor hem.
Toen de sopranen weer moesten zingen, ging hij achter me staan en zong de partij met me mee. Ik had enorme steun aan zijn goede stem en nu leek ik zelf ook heel acceptabel mee te kunnen zingen. Terwijl ik genoot van deze triomf, voelde ik zijn aanwezigheid als warmte achter me. Zijn stem leek wel vloeibaar goud. Hij omringde me, nam me op en even waande ik me in de hemel.
Toen ik later aan deze bijzondere ervaring terug dacht, kon ik het absoluut niet rijmen met deze jonge jongen. Het had gevoeld alsof ik een oude vriend had terug gevonden.
Gedurende de week zochten we elkaar regelmatig op. Soms even een praatje tijdens de lunch, soms een nachtelijke wandeling, soms een liedje bij het kampvuur. We lachten veel. Hij bleek de gave van contact te hebben. Hij kon contact leggen met een kleuter van drie en met een oud besje. Soms was hij druk, bijna wild. Bij vlagen zag ik steeds meer van hem. Het klikte tussen ons. Ik weet niet of hij dezelfde herkenning had, maar ik herkende hem. Oude levensdraden voelde ik zich verweven met het hier en nu. Ik vond het heerlijk om hem aan te raken en zo sloten we de meeste nachten af met een knuffel onder de sterrenhemel. Door hem aan te raken kon ik voor mezelf een brug slaan tussen de oude draden en het nu.
Het toeval wilde dat ik de eerste dag een workshop met zijn vader had gelopen en daarvoor al een gesprekje in de aanmeldingskeet met zijn zus. Al die ontmoetingen waren buitengewoon en zo leerde ik een buitengewone familie kennen. En hij de mijne.
De laatste avond zaten we bij het kampvuur. Er werden Beatles-liedjes gespeeld en hij zat met mijn dochter D. tegen zijn knieen. Ik zag genegenheid tussen hen heen en weer gaan op de grens van broederlijke gevoelens. Mijn kleine D. wordt groot en in haar nog jonge lijf zag ik de belofte van de mooie vrouw die er aan zit te komen en hij, hij zag het ook. Ongesproken deelden we dit besef in een blik.
Nog steeds als ik aan hem denk, kan ik de gouden gloed van zijn stem voelen. Het was een bijzondere ontmoeting met een bijzonder mens.
Later vertelde hij me dat hij niet ijdel was op zijn uiterlijk, schoolprestaties of wat dan ook, behalve zijn stem. Hij zong in het kerkkoor. Ik moest grinniken bij het idee. Hij straalde ondeugd uit. Een ondeugend jongetje in een volwassen lichaam. Met zijn zestien jaren leek zijn lichaam soms veel te groot voor hem.
Toen de sopranen weer moesten zingen, ging hij achter me staan en zong de partij met me mee. Ik had enorme steun aan zijn goede stem en nu leek ik zelf ook heel acceptabel mee te kunnen zingen. Terwijl ik genoot van deze triomf, voelde ik zijn aanwezigheid als warmte achter me. Zijn stem leek wel vloeibaar goud. Hij omringde me, nam me op en even waande ik me in de hemel.
Toen ik later aan deze bijzondere ervaring terug dacht, kon ik het absoluut niet rijmen met deze jonge jongen. Het had gevoeld alsof ik een oude vriend had terug gevonden.
Gedurende de week zochten we elkaar regelmatig op. Soms even een praatje tijdens de lunch, soms een nachtelijke wandeling, soms een liedje bij het kampvuur. We lachten veel. Hij bleek de gave van contact te hebben. Hij kon contact leggen met een kleuter van drie en met een oud besje. Soms was hij druk, bijna wild. Bij vlagen zag ik steeds meer van hem. Het klikte tussen ons. Ik weet niet of hij dezelfde herkenning had, maar ik herkende hem. Oude levensdraden voelde ik zich verweven met het hier en nu. Ik vond het heerlijk om hem aan te raken en zo sloten we de meeste nachten af met een knuffel onder de sterrenhemel. Door hem aan te raken kon ik voor mezelf een brug slaan tussen de oude draden en het nu.
Het toeval wilde dat ik de eerste dag een workshop met zijn vader had gelopen en daarvoor al een gesprekje in de aanmeldingskeet met zijn zus. Al die ontmoetingen waren buitengewoon en zo leerde ik een buitengewone familie kennen. En hij de mijne.
De laatste avond zaten we bij het kampvuur. Er werden Beatles-liedjes gespeeld en hij zat met mijn dochter D. tegen zijn knieen. Ik zag genegenheid tussen hen heen en weer gaan op de grens van broederlijke gevoelens. Mijn kleine D. wordt groot en in haar nog jonge lijf zag ik de belofte van de mooie vrouw die er aan zit te komen en hij, hij zag het ook. Ongesproken deelden we dit besef in een blik.
Nog steeds als ik aan hem denk, kan ik de gouden gloed van zijn stem voelen. Het was een bijzondere ontmoeting met een bijzonder mens.
woensdag 28 oktober 2009
Trouwerij IV
De laatste trouwerij dit voorjaar, had alles in zich om de mooiste te worden. De bruid was beeldschoon, de locatie betoverend en ik zou er goede vrienden van Young Call treffen.
Niets was echter minder waar. Toen ik binnen kwam viel de energie me zwaar. De locatie was een voormalige kerk. De inrichting was trendy, met respect voor de ouderdom, maar in mijn gevoel klopte er iets niet. Boven het prachtig gepoetste gedeelte hing in de hoge gewelfen stofslierten. De muziek was me te hard en de gasten te oppervlakkig.
Mijn lief heeft me met verbazing gade geslagen. Binnen een kwartier was mijn opgetogen stemming geabsorbeerd door het feestgewoel, weer een kwartier later had ik moeite om fatsoenlijk te blijven kijken en na nog een kwartier wilde ik enkel nog maar naar huis. Buiten vroeg hij me of ik iets verkeerds op had, of er iets gebeurd was of hij iets voor me kon doen. Maar ik wilde enkel weg daar.
In mijn gevoel groeiden de stofslieren uit tot grijpende armen, waar men vrolijk onderdoor danste, zich niet bewust van wat er zich vlak boven hen afspeelde. De muziek werd steeds grotesker en de gasten leken wel etalagepoppen.
Ik weet niet wat me bezield heeft. De bruid is een heel mooi mens, die me dierbaar is, maar ik hield het er niet vol.
Ik hoop dat het bruidspaar meer hebben genoten op hun feest dan ik dat heb. Ze straalden, dus daar heb ik al het vertrouwen in. En vooral hoop ik dat ze in de rest van hun leven geluk vinden. En onderwijl overdenk ik mijn rare ervaring.
P.S. Mijn lief verzekert me dat het een prachtig feest was. De muziek helemaal niet zo hard stond en de kerk brandschoon was. ☺En er was geen paspop aanwezig.
Niets was echter minder waar. Toen ik binnen kwam viel de energie me zwaar. De locatie was een voormalige kerk. De inrichting was trendy, met respect voor de ouderdom, maar in mijn gevoel klopte er iets niet. Boven het prachtig gepoetste gedeelte hing in de hoge gewelfen stofslierten. De muziek was me te hard en de gasten te oppervlakkig.
Mijn lief heeft me met verbazing gade geslagen. Binnen een kwartier was mijn opgetogen stemming geabsorbeerd door het feestgewoel, weer een kwartier later had ik moeite om fatsoenlijk te blijven kijken en na nog een kwartier wilde ik enkel nog maar naar huis. Buiten vroeg hij me of ik iets verkeerds op had, of er iets gebeurd was of hij iets voor me kon doen. Maar ik wilde enkel weg daar.
In mijn gevoel groeiden de stofslieren uit tot grijpende armen, waar men vrolijk onderdoor danste, zich niet bewust van wat er zich vlak boven hen afspeelde. De muziek werd steeds grotesker en de gasten leken wel etalagepoppen.
Ik weet niet wat me bezield heeft. De bruid is een heel mooi mens, die me dierbaar is, maar ik hield het er niet vol.
Ik hoop dat het bruidspaar meer hebben genoten op hun feest dan ik dat heb. Ze straalden, dus daar heb ik al het vertrouwen in. En vooral hoop ik dat ze in de rest van hun leven geluk vinden. En onderwijl overdenk ik mijn rare ervaring.
P.S. Mijn lief verzekert me dat het een prachtig feest was. De muziek helemaal niet zo hard stond en de kerk brandschoon was. ☺En er was geen paspop aanwezig.
donderdag 8 oktober 2009
Trouwerij III
Toen ik M. leerde kennen had ze al snel een relatie met W. Ze waren min of meer gelukkig. Op een dag bleek hij minder trouw dan gedacht en toen werden de haarscheurtjes in hun relatie kloven. Haarscheurtjes over dat hij haar in de praktijk weinig respect gaf. Haarscheurtjes over dat hij haar het liefste zag als verlengstuk van zichzelf en zijn carrière. En de druppel was zijn ontrouw.
M. kwam gebroken uit deze relatie. Haar vertrouwen ernstig geschaad. Zo ernstig dat mijn schoonvader vreesde dat ze na 'die waardeloze kerel' geen enkele man meer in haar hart zou laten. Mijn schoonvader had een zwak voor haar. Altijd al gehad. Ze was een pittig meisje, leuk om te zien en een lief karakter. Hij zei weleens gekscherend dat als hij in het oosten zou wonen, waar men een heel harem kon hebben... Of als hij vijftig jaar jonger was...
M. fleurde een beetje op van deze woorden, maar over het algemeen was ze triest. In deze trieste tijd kwamen wij nader tot elkaar. Ze kwam ieder weekend. We aten vaak samen, dronken duizend kopjes thee. We liepen met de hond, we luierde op ons dakterras. We lachten en huilden, soms zelfs tegelijkertijd.
Deze tijd is me zeer dierbaar en terwijl ik dagelijks voor haar bad dat ze weer geluk zou vinden, was het geluk bitterzoet toen het kwam.
Haar geluk kwam op een motor, in de vorm van een attente, iets verlegen collega. Al jaren vrijgezel en tot over zijn oren verlieft op M. Samen vormden ze ultiem geluk. De blik in haar ogen was nooit eerder zo zacht geweest als wanneer ze naar hem keek. En soms bekroop mij het gevoel dat hij al zijn hele leven juist op haar had gewacht. Het was mooi om ze samen te zien, maar tevens was er het besef dat onze tijd als voorheen voorbij was.
Nu is M. trouw. Heel trouw aan haar vrienden en ookal emigreerde ze naar de andere zijde van het land, ze blijft investeren in onze mooie vriendschap. Er is minder tijd, maar meer geluk en dat maakt alles goed. Geluk in haar leven en geluk in haar ogen.
Op een mooie dag in mei gaven deze twee bijzondere mensen elkaar het ja-woord. Bijzonder was ook de vriendenkring van hem die haar, maar tijdens de vrijgezellendag en de trouwerij ook ons, vol warmte in hun midden opnam.
Bij een idyllische watermolen met een fantastische band werd het huwelijk bezegeld met een spetterend feest.
Als ik nu aan ze denk zie ik ze staan. Armen om elkaar heen, iets naar elkaar gebogen, staan ze voor een groot bouwbord met een lang gedicht van haar collega's, 'haar jongens'. Ze lachen om de grappen, maar er ontsnapt ook een traantje van ontroering en zo staan ze op mijn netvlies gegrift.
M. kwam gebroken uit deze relatie. Haar vertrouwen ernstig geschaad. Zo ernstig dat mijn schoonvader vreesde dat ze na 'die waardeloze kerel' geen enkele man meer in haar hart zou laten. Mijn schoonvader had een zwak voor haar. Altijd al gehad. Ze was een pittig meisje, leuk om te zien en een lief karakter. Hij zei weleens gekscherend dat als hij in het oosten zou wonen, waar men een heel harem kon hebben... Of als hij vijftig jaar jonger was...
M. fleurde een beetje op van deze woorden, maar over het algemeen was ze triest. In deze trieste tijd kwamen wij nader tot elkaar. Ze kwam ieder weekend. We aten vaak samen, dronken duizend kopjes thee. We liepen met de hond, we luierde op ons dakterras. We lachten en huilden, soms zelfs tegelijkertijd.
Deze tijd is me zeer dierbaar en terwijl ik dagelijks voor haar bad dat ze weer geluk zou vinden, was het geluk bitterzoet toen het kwam.
Haar geluk kwam op een motor, in de vorm van een attente, iets verlegen collega. Al jaren vrijgezel en tot over zijn oren verlieft op M. Samen vormden ze ultiem geluk. De blik in haar ogen was nooit eerder zo zacht geweest als wanneer ze naar hem keek. En soms bekroop mij het gevoel dat hij al zijn hele leven juist op haar had gewacht. Het was mooi om ze samen te zien, maar tevens was er het besef dat onze tijd als voorheen voorbij was.
Nu is M. trouw. Heel trouw aan haar vrienden en ookal emigreerde ze naar de andere zijde van het land, ze blijft investeren in onze mooie vriendschap. Er is minder tijd, maar meer geluk en dat maakt alles goed. Geluk in haar leven en geluk in haar ogen.
Op een mooie dag in mei gaven deze twee bijzondere mensen elkaar het ja-woord. Bijzonder was ook de vriendenkring van hem die haar, maar tijdens de vrijgezellendag en de trouwerij ook ons, vol warmte in hun midden opnam.
Bij een idyllische watermolen met een fantastische band werd het huwelijk bezegeld met een spetterend feest.
Als ik nu aan ze denk zie ik ze staan. Armen om elkaar heen, iets naar elkaar gebogen, staan ze voor een groot bouwbord met een lang gedicht van haar collega's, 'haar jongens'. Ze lachen om de grappen, maar er ontsnapt ook een traantje van ontroering en zo staan ze op mijn netvlies gegrift.
woensdag 2 september 2009
Trouwerij II
Mijn moeder zou speechen op de bruiloft. Echter geveld door een zware griep moest ze het af laten weten. De speech was al klaar en toen werd ik gevraagd om deze voor te lezen. En zo belandde ik na de ambtenaar van de burgelijke stand in een romantische tuinhuis voor het kersverse bruidspaar.
Ze waren iets ouder dan wij; Hun zielen iets geschonden door het leven. Maar ik heb nog nooit zo'n bijzonder paar gezien. Hun geluk was zo sterk aanwezig dat het soms wel tastbaar leek. De bruid was mooi en ze werd nog mooier door de liefdevolle blik van haar man. Aan heb begin van de plechtigheid was ze weggegeven door haar zoon. Het was ontroerend om te zien hoe een jongen van zeventien zijn moeder naar het altaar begeleidde. In de plechtigheid leek het soms wel of ze met zijn drieën trouwden, zo mooi was de rol van de zoon verweven in het geheel.
Ik sprak de woorden van mijn moeder. Ergens klopte de lijntjes, want de boodschap kwam aan. Ze waren geroerd, moesten lachen en huilen en ik voelde me dankbaar dat ik dit bij kon dragen aan deze gelukkige dag.
Na de plechtigheid kwam het feest. Het eerste dansfeest samen met mijn dochters. We dansten tot er blaren op onze voeten zaten en steeds als er iemand dacht dat hij niet meer kon, kwam er net nog een heel mooi nummer en gingen we weer. Het was magisch om dit met mijn meisjes te kunnen delen. Mick en ik keken elkaar over de dansvloer aan en ook wij voelden ultiem geluk.
Het was een mooie avond met een gouden randje.
Ze waren iets ouder dan wij; Hun zielen iets geschonden door het leven. Maar ik heb nog nooit zo'n bijzonder paar gezien. Hun geluk was zo sterk aanwezig dat het soms wel tastbaar leek. De bruid was mooi en ze werd nog mooier door de liefdevolle blik van haar man. Aan heb begin van de plechtigheid was ze weggegeven door haar zoon. Het was ontroerend om te zien hoe een jongen van zeventien zijn moeder naar het altaar begeleidde. In de plechtigheid leek het soms wel of ze met zijn drieën trouwden, zo mooi was de rol van de zoon verweven in het geheel.
Ik sprak de woorden van mijn moeder. Ergens klopte de lijntjes, want de boodschap kwam aan. Ze waren geroerd, moesten lachen en huilen en ik voelde me dankbaar dat ik dit bij kon dragen aan deze gelukkige dag.
Na de plechtigheid kwam het feest. Het eerste dansfeest samen met mijn dochters. We dansten tot er blaren op onze voeten zaten en steeds als er iemand dacht dat hij niet meer kon, kwam er net nog een heel mooi nummer en gingen we weer. Het was magisch om dit met mijn meisjes te kunnen delen. Mick en ik keken elkaar over de dansvloer aan en ook wij voelden ultiem geluk.
Het was een mooie avond met een gouden randje.
vrijdag 21 augustus 2009
Trouwerij I
Dit voorjaar had ik vier uitnodigingen voor trouwerijen ontvangen. Romantiek hing duidelijk in de lucht.
De eerste was van een oude vakantievriend. Zo'n vriendschap die vroeger al lang zou zijn verwaterd, maar door het internet en zijn reislustigheid hebben we door de jaren heen contact gehouden. Vooral als hij aan de andere zijde van de wereld vertoefde, leek hij heel dichtbij. We mailden en deelden ons leven. Als hij weer in Nederland was, hadden we weer amper contact, tot zijn volgende reis.
Wellicht dat naast het internet ook de magie van onze vriendschap een rol speelde. Al toen we elkaar net kende was er iets vertrouwds tussen ons. We genieten altijd van elkaars gezelschap en scherpe geest. En we delen een licht sarcastisch gevoel voor humor, dat maar door weinig mensen gedeeld wordt.
Ik had R. al tijden niet gezien toen ik zijn email ontving met de vraag of ik mijn adres wilde mailen. Hierop volgde enige tijd later de uitnodiging voor zijn huwelijk. Op een zonnige middag zag ik ze in een rood tuktuk wagentje aanrijden bij een trendy locatie in Rotterdam. Hij stapte uit in een stijlvol grijs glimmend pak en zij sprong met een vrolijk sprongetje uit de tuktuk. Op dat moment wist ik dat zij goed voor hem was. De gasten waren jong, feestelijk en net zo stralend als het bruidspaar. Vlak voor de plechtigheid vroeg de ceremoniemeester of er alstjeblieft mensen op de eerste rij wilde komen zitten. Samen met een nichtje van R. belandde ik op die stoelen, omdat niemand genegen leek te zijn om vooraan te zitten en wij die plaatsen niet leeg wilde laten staan. Zo zat ik op de mooiste plek en zag ik twee hele mooie mensen in het echt verenigd worden. Een ander nichtje sprak en verhaalde over zijn drive om altijd de beste te zijn. Ik zag deze middag nieuwe kanten van hem, maar ook veel herkenning. En vooral zag ik het geluk dat deze twee mooie mensen samen gevonden hadden. Het was een mooie middag en vervuld ging ik weer naar huis.
Soms is geluk zo tastbaar.
De eerste was van een oude vakantievriend. Zo'n vriendschap die vroeger al lang zou zijn verwaterd, maar door het internet en zijn reislustigheid hebben we door de jaren heen contact gehouden. Vooral als hij aan de andere zijde van de wereld vertoefde, leek hij heel dichtbij. We mailden en deelden ons leven. Als hij weer in Nederland was, hadden we weer amper contact, tot zijn volgende reis.
Wellicht dat naast het internet ook de magie van onze vriendschap een rol speelde. Al toen we elkaar net kende was er iets vertrouwds tussen ons. We genieten altijd van elkaars gezelschap en scherpe geest. En we delen een licht sarcastisch gevoel voor humor, dat maar door weinig mensen gedeeld wordt.
Ik had R. al tijden niet gezien toen ik zijn email ontving met de vraag of ik mijn adres wilde mailen. Hierop volgde enige tijd later de uitnodiging voor zijn huwelijk. Op een zonnige middag zag ik ze in een rood tuktuk wagentje aanrijden bij een trendy locatie in Rotterdam. Hij stapte uit in een stijlvol grijs glimmend pak en zij sprong met een vrolijk sprongetje uit de tuktuk. Op dat moment wist ik dat zij goed voor hem was. De gasten waren jong, feestelijk en net zo stralend als het bruidspaar. Vlak voor de plechtigheid vroeg de ceremoniemeester of er alstjeblieft mensen op de eerste rij wilde komen zitten. Samen met een nichtje van R. belandde ik op die stoelen, omdat niemand genegen leek te zijn om vooraan te zitten en wij die plaatsen niet leeg wilde laten staan. Zo zat ik op de mooiste plek en zag ik twee hele mooie mensen in het echt verenigd worden. Een ander nichtje sprak en verhaalde over zijn drive om altijd de beste te zijn. Ik zag deze middag nieuwe kanten van hem, maar ook veel herkenning. En vooral zag ik het geluk dat deze twee mooie mensen samen gevonden hadden. Het was een mooie middag en vervuld ging ik weer naar huis.
Soms is geluk zo tastbaar.
donderdag 30 april 2009
Hoogtepunten en Dieptepunten
Het zijn dagen van hoogtepunten en dieptepunten voor me.
Op 29 april ben ik met mijn meiden en twee vriendinnetjes naar Utrecht geweest. Na maanden van plannen is eindelijk de grote dag.
We hebben een klein ondernemingsplan gemaakt: Kosten begroot en inkomsten geschat, lijstjes gemaakt wat er zou kunnen verkopen, vervolgens opnieuw begonnen met inschattingen, kosten en lijstjes omdat er strenge regels bleken te zijn voor de verkoop van onze koopwaar, inkopen gedaan, marketing uitgedacht, decoratie gemaakt, spullen gesjouwd, genetwerkt en vooral al heel veel plezier gehad bij deze voorbereidingen.
Uiteindelijk staan we prachtig uitgedost op de mooiste plek van Utrecht met een tafel vol heerlijkheden. Door de aangescherpte regels zijn dit blikjes fris, repen en zakjes chips geworden. De meiden zien er zo mooi uit dat ze daardoor al aandacht trekken. Vol enthousiasme met kleine kroontjes op hun hoofd lijken het wel prinsesjes. We genieten tot bijna tien uur 's avonds. Dan gaat de zon onder en bij mama langzaamaan het licht uit. We ruimen op en ondernemen dan een spectaculaire tocht terug naar huis. Ik was geloof ik vergeten hoe druk het kan zijn op de vrijmarkt. Als een lange rij worstelen we in ganzepas ons door de drukte. Ik geniet van de wiebelende kroontjes en de wapperende oranje hoed voor me. 's Avonds in bad geniet ik nog even na met mijn lief. Hij was het laatste uur al wat stil. Opeens zei hij: 'Weet je nog dat we vorig jaar in Parijs zaten.' Nog vol geluk van de fantastische avond knik ik van ja. Hij vervolgt ' en toen ging S. dood.' Ik wordt stil. Ik was het vergeten. We kijken elkaar aan.
Uiteindelijk zeg ik zachtjes: 'Wat zal het vandaag moeilijk zijn voor hen.'
We verzinken in stilte. Voor mij een stil gebed.
De daaropvolgende dag heeft weer zo'n drastische tegenstelling in petto. Een kleurrijke koninginnendag eindigd in een drama met vier doden. De koningin raakt me met haar emotionele speech. Haar hart gaat uit naar de nabestaanden en alle anderen die geraakt zijn. En dat terwijl de auto vlak langs de bus scheerde die al haar dierbaren bevatte. Wederom een konginnedag die getekend wordt door verwarring en verdriet.
Toch zie ik als ik mijn ogen dicht doe weer die ondeugende prinsesjes voor me, die zo intens genieten.
Op 29 april ben ik met mijn meiden en twee vriendinnetjes naar Utrecht geweest. Na maanden van plannen is eindelijk de grote dag.
We hebben een klein ondernemingsplan gemaakt: Kosten begroot en inkomsten geschat, lijstjes gemaakt wat er zou kunnen verkopen, vervolgens opnieuw begonnen met inschattingen, kosten en lijstjes omdat er strenge regels bleken te zijn voor de verkoop van onze koopwaar, inkopen gedaan, marketing uitgedacht, decoratie gemaakt, spullen gesjouwd, genetwerkt en vooral al heel veel plezier gehad bij deze voorbereidingen.
Uiteindelijk staan we prachtig uitgedost op de mooiste plek van Utrecht met een tafel vol heerlijkheden. Door de aangescherpte regels zijn dit blikjes fris, repen en zakjes chips geworden. De meiden zien er zo mooi uit dat ze daardoor al aandacht trekken. Vol enthousiasme met kleine kroontjes op hun hoofd lijken het wel prinsesjes. We genieten tot bijna tien uur 's avonds. Dan gaat de zon onder en bij mama langzaamaan het licht uit. We ruimen op en ondernemen dan een spectaculaire tocht terug naar huis. Ik was geloof ik vergeten hoe druk het kan zijn op de vrijmarkt. Als een lange rij worstelen we in ganzepas ons door de drukte. Ik geniet van de wiebelende kroontjes en de wapperende oranje hoed voor me. 's Avonds in bad geniet ik nog even na met mijn lief. Hij was het laatste uur al wat stil. Opeens zei hij: 'Weet je nog dat we vorig jaar in Parijs zaten.' Nog vol geluk van de fantastische avond knik ik van ja. Hij vervolgt ' en toen ging S. dood.' Ik wordt stil. Ik was het vergeten. We kijken elkaar aan.
Uiteindelijk zeg ik zachtjes: 'Wat zal het vandaag moeilijk zijn voor hen.'
We verzinken in stilte. Voor mij een stil gebed.
De daaropvolgende dag heeft weer zo'n drastische tegenstelling in petto. Een kleurrijke koninginnendag eindigd in een drama met vier doden. De koningin raakt me met haar emotionele speech. Haar hart gaat uit naar de nabestaanden en alle anderen die geraakt zijn. En dat terwijl de auto vlak langs de bus scheerde die al haar dierbaren bevatte. Wederom een konginnedag die getekend wordt door verwarring en verdriet.
Toch zie ik als ik mijn ogen dicht doe weer die ondeugende prinsesjes voor me, die zo intens genieten.
zondag 19 april 2009
Een niet dapper stukje, omdat ik soms ook zo ben.
Mijn leven is moeizaam de afgelopen maanden. En ik heb me er op betrapt dat ik als ik echt moe ben, ik niet schrijf. Als ik dan wel schrijf, schrijf ik iets positiefs. Toen ik dit patroon langzaam op mijn weblog ontwaarde heb ik hier een aantal dagen over na lopen denken.
Waarom doe ik dit? Waarom voer ik een vrolijk toneelspel op? Probeer ik er zelf zo de moed in te houden? Wil ik niet zielig lijken? Ik ben er niet uit. Wel weet ik dat ik weer een 'dapper' stukje over hoe de zon gaat schijnen na regen, dat ik er sterker uit kom, dat ik weer op de goede weg zit etc. niet trek.
Ik weet dat ik na moedeloosheid er altijd weer uit kom. Dat ik dan werkelijk dat dappere gevoel ook in me heb. Maar verschillende dappere stukjes naast elkaar geven een geforceerd, bijna komisch beeld.
Hoe ben ik dan buiten mijn dappere buien? (Op de momenten dat ik meestal niet schrijf.)
Ik ben soms zo moe dat ik enkel voor me kijk, in de hoop dat ik dan de dag door kom. Ik doe de dingen een voor een. Het liefste werk ik een lijstje af, zodat ik niet eens hoef na te denken tussen de klussen door.
Boodschappen doen (met boodschappenlijstje)
Strijk
Koken
Huiswerk overhoren
Het gekke is dat ik op mijn werk het beste lijk te functioneren. De amateur-psycholoog in mij vraagt zich gelijk af wat dit betekend. Vind ik mezelf als werknemer belangrijker en geef ik hier meer energie aan of zijn er andere omstandigheden op het werk waardoor ik me gewoon beter voel.
Ik mopper ook veel. Alles is me eigenlijk teveel en de dingen die dan ook nog eens mis gaan zijn helemaal te veel.
Ik kom aan veel dingen niet toe. De strijk neemt enorme proporties aan. Mijn beddegoed ligt gerust twee maal zo lang op bed. De keukenkastjes vervuilen, zonder dat ik er de puf voor heb om ze onder handen te nemen. Mijn bureau bezwijkt bijna onder stapels 'als ik even puf heb zoek ik dit uit'-spullen.
En als ik zo'n slechte periode heb dan lijk ik wel in een cocon te kruipen. Ik doe het hoogst noodzakelijke of in ieder geval alles wat ik kan. (In deze tijden kan de definitie van wat noodzakelijk is extreem opgerekt worden heb ik ontdekt.) En telkens als ik weer 'ontwaak' dan realiseer ik me hoe lang ik mijn vrienden niet gezien heb. Of als ik ze toch zag, kregen we geen contact. Mijn blik op oneindig worstel ik me door mijn zware periodes heen. En ik schrijf hier niet graag over. Het maakt me triest.
Waarom doe ik dit? Waarom voer ik een vrolijk toneelspel op? Probeer ik er zelf zo de moed in te houden? Wil ik niet zielig lijken? Ik ben er niet uit. Wel weet ik dat ik weer een 'dapper' stukje over hoe de zon gaat schijnen na regen, dat ik er sterker uit kom, dat ik weer op de goede weg zit etc. niet trek.
Ik weet dat ik na moedeloosheid er altijd weer uit kom. Dat ik dan werkelijk dat dappere gevoel ook in me heb. Maar verschillende dappere stukjes naast elkaar geven een geforceerd, bijna komisch beeld.
Hoe ben ik dan buiten mijn dappere buien? (Op de momenten dat ik meestal niet schrijf.)
Ik ben soms zo moe dat ik enkel voor me kijk, in de hoop dat ik dan de dag door kom. Ik doe de dingen een voor een. Het liefste werk ik een lijstje af, zodat ik niet eens hoef na te denken tussen de klussen door.
Boodschappen doen (met boodschappenlijstje)
Strijk
Koken
Huiswerk overhoren
Het gekke is dat ik op mijn werk het beste lijk te functioneren. De amateur-psycholoog in mij vraagt zich gelijk af wat dit betekend. Vind ik mezelf als werknemer belangrijker en geef ik hier meer energie aan of zijn er andere omstandigheden op het werk waardoor ik me gewoon beter voel.
Ik mopper ook veel. Alles is me eigenlijk teveel en de dingen die dan ook nog eens mis gaan zijn helemaal te veel.
Ik kom aan veel dingen niet toe. De strijk neemt enorme proporties aan. Mijn beddegoed ligt gerust twee maal zo lang op bed. De keukenkastjes vervuilen, zonder dat ik er de puf voor heb om ze onder handen te nemen. Mijn bureau bezwijkt bijna onder stapels 'als ik even puf heb zoek ik dit uit'-spullen.
En als ik zo'n slechte periode heb dan lijk ik wel in een cocon te kruipen. Ik doe het hoogst noodzakelijke of in ieder geval alles wat ik kan. (In deze tijden kan de definitie van wat noodzakelijk is extreem opgerekt worden heb ik ontdekt.) En telkens als ik weer 'ontwaak' dan realiseer ik me hoe lang ik mijn vrienden niet gezien heb. Of als ik ze toch zag, kregen we geen contact. Mijn blik op oneindig worstel ik me door mijn zware periodes heen. En ik schrijf hier niet graag over. Het maakt me triest.
zondag 29 maart 2009
Toneelkriebels
Het oudertoneel zit er weer aan te komen. Althans, dat dacht ik. Hoewel ik zo moe ben geweest dat ik eigenlijk besloten had dit jaar voorbij te laten gaan, kriebelde het toch in me. En toen de brainstorm avond precies op de avond viel dat ik vrij had van calculatie- en boekhoudles was de keus snel gemaakt. Mijn teleurstelling was dan ook groot toen bleek dat onze regiseur het niet ging redden. Het oudertoneel leek daardoor dit jaar een stille dood te sterven, voordat de eerste stap op de planken maar was gezet.
En ondanks al mijn bedenkingen, moeheid en deze tegenslag ging het nog harder in mij kriebelen. En uit die toneelkriebels onstond een plannetje. Ik pleegde een telefoontje en nog een en opeens lijkt het toch te lukken.
Mijn moeder haar vorige toneelgroep begint deze week aan hun welverdiende zomerstop. Het is een boerengemeenschap, dan is het begrip zomerstop iets ruimer gezien het vele boerderijwerk gedurende de zaai-, plant- en oogsttijd. Die zomerstop betreft dan ook enkel hun toneelactiviteiten, want de boerderijactiviteiten vangen dan juist aan.
Ze had ook wel zin in een nieuwe groep. Vooral gezien het vrije karakter. (Er is nog geen dialoog, eigenlijk nog geen stuk en om nog eerlijker te zijn is er zelfs nog geen idee...)
Nu hebben we deze week een nieuwe brainstormafspraak met een nieuwe regiseur. Gelukkig waren er meer die heel teleurgesteld waren, dus het lijkt dat het oudertoneel op de Regenboog leeft, herleeft, opleeft of hoe je dat dan ook zou willen omschrijven. En ondertussen kriebelt het steeds meer in me. Ik heb plannen voor een stuk en voor het decor en vooral heb ik er heel veel zin in.
En ondanks al mijn bedenkingen, moeheid en deze tegenslag ging het nog harder in mij kriebelen. En uit die toneelkriebels onstond een plannetje. Ik pleegde een telefoontje en nog een en opeens lijkt het toch te lukken.
Mijn moeder haar vorige toneelgroep begint deze week aan hun welverdiende zomerstop. Het is een boerengemeenschap, dan is het begrip zomerstop iets ruimer gezien het vele boerderijwerk gedurende de zaai-, plant- en oogsttijd. Die zomerstop betreft dan ook enkel hun toneelactiviteiten, want de boerderijactiviteiten vangen dan juist aan.
Ze had ook wel zin in een nieuwe groep. Vooral gezien het vrije karakter. (Er is nog geen dialoog, eigenlijk nog geen stuk en om nog eerlijker te zijn is er zelfs nog geen idee...)
Nu hebben we deze week een nieuwe brainstormafspraak met een nieuwe regiseur. Gelukkig waren er meer die heel teleurgesteld waren, dus het lijkt dat het oudertoneel op de Regenboog leeft, herleeft, opleeft of hoe je dat dan ook zou willen omschrijven. En ondertussen kriebelt het steeds meer in me. Ik heb plannen voor een stuk en voor het decor en vooral heb ik er heel veel zin in.
donderdag 12 maart 2009
Weer voorwaards!
Na mijn glutenadvontuur ben ik langzaam weg gegleden. Weg gegleden in een moeras van moeiheid. Met mijn blik op oneindig hield ik me vast aan de wetenschap dat ook dit voorbij gaat. Het is net als met barensweeën, het lijkt minder pijn te doen als je je op het einde focust.
Ondertussen kwam ons twaalfeneenhalfjarig huwelijk steeds dichterbij en onze cruisereis waarmee we dit wilde vieren. Vele malen leek het in het water te vallen, maar steeds kwam het toch net weer goed. Eerst Theo die na kerst in het ziekenhuis belandde met een absurd hoge suiker. Toen de stress of hij wel opgeknapt zou zijn. Mijn schoonmoeder die een rugwervel scheurde. Het vliegveld dat staakte, vertragingen op de heenweg... Maar we haalden het met het complete reisgezelschap. Ik heb me misschien nooit rijker gevoeld dan op dat moment. Met het gezelschap van mijn dromen op het achterdek onder de tropische zon. En onder de sterrenhemel. En bij zonsopgang. Op dat magische achterdek vertoefden we vaak, buitengewoon vaak. We lachten en huilden. Ieder met zijn eigen redenen. Mijn vader omdat hij er nog bij was. Mijn schoonvader omdat hij er weer was na al die jaren. Mijn moeder omdat ze er niet alleen was. Mijn tante omdat ze er toch was. Mijn schoonzus en zwager omdat ze er ook waren. De kinderen omdat ze er zo graag waren. En Mike en ik omdat we er met elkaar en hen waren. Allemaal gelukkig en dankbaar.
Ergens tijdens die reis is de ommekeer gekomen. De jetleg leek weg te spoelen. De lucht leek helderder. Terug heb ik verbazingwekkend genoeg amper last van de jetleg gehad en nu ga ik weer voorwaards. Gelukkig.
Ondertussen kwam ons twaalfeneenhalfjarig huwelijk steeds dichterbij en onze cruisereis waarmee we dit wilde vieren. Vele malen leek het in het water te vallen, maar steeds kwam het toch net weer goed. Eerst Theo die na kerst in het ziekenhuis belandde met een absurd hoge suiker. Toen de stress of hij wel opgeknapt zou zijn. Mijn schoonmoeder die een rugwervel scheurde. Het vliegveld dat staakte, vertragingen op de heenweg... Maar we haalden het met het complete reisgezelschap. Ik heb me misschien nooit rijker gevoeld dan op dat moment. Met het gezelschap van mijn dromen op het achterdek onder de tropische zon. En onder de sterrenhemel. En bij zonsopgang. Op dat magische achterdek vertoefden we vaak, buitengewoon vaak. We lachten en huilden. Ieder met zijn eigen redenen. Mijn vader omdat hij er nog bij was. Mijn schoonvader omdat hij er weer was na al die jaren. Mijn moeder omdat ze er niet alleen was. Mijn tante omdat ze er toch was. Mijn schoonzus en zwager omdat ze er ook waren. De kinderen omdat ze er zo graag waren. En Mike en ik omdat we er met elkaar en hen waren. Allemaal gelukkig en dankbaar.
Ergens tijdens die reis is de ommekeer gekomen. De jetleg leek weg te spoelen. De lucht leek helderder. Terug heb ik verbazingwekkend genoeg amper last van de jetleg gehad en nu ga ik weer voorwaards. Gelukkig.
donderdag 22 januari 2009
Vernieuwd receptuur

Het begon met een zware verkoudheid die ik maar niet leek te kunnen overwinnen. Daarna bleek een trage moeheid bezit van me te hebben genomen. Ik dacht nog dat het de drukte voor de kerstvakantie was. Voor het eerst heb ik de kolder voor de kerst meegemaakt in de aannemerij. Men werkt dan alsof er geen leven meer is na het kerstreces; alles moet ervoor gedaan zijn. Misschien speelde ook mee dat men lijkt te vergeten op mijn werk dat ik echt geen 24 uur kan opvangen in mijn schamele 8 uurtjes. Tijdens de kerstvakantie daagde langzaam het besef dat deze moeheid niet normaal was. Ik pakte mijn agenda er bij en ging rekenen. Tot eind november was alles prima en toen opeens ging het niet meer. Ik zou toch geen... Nee, dat kan niet. Ik let altijd zo goed op. Maar de symptomen liegen niet. Ik heb er nog een week mentaal tegenaan gevochten, maar moest toen onder ogen zien dat het werkelijk zeer waarschijnlijk is dat ik gluten heb binnengekregen. Vooral omdat het Doortje net zo vergaat.
Er was een voordeel. Omdat ik het pas na vier weken onder ogen wilde zien, had ik theoretisch nog maar twee weken ellende te gaan.
Die laatste week spande de kroon. Papa belandde in het ziekenhuis met een suiker van 48. Oude tijden van zorg en heen-en-weer rennen herleefden. En ook die intieme momenten, zoals je ze vooral hebt als je samen in de sores zit.
De laatste zondagmiddag van mijn vakantie was het ineens over. "Mick" zei ik "Het lijkt of de zon weer schijnt.''
Later ontdekte Doortje dat het receptuur van onze vertrouwde rookworst was 'verbeterd'. Dat was de boosdoener geweest.
Abonneren op:
Posts (Atom)