
Het begon met een zware verkoudheid die ik maar niet leek te kunnen overwinnen. Daarna bleek een trage moeheid bezit van me te hebben genomen. Ik dacht nog dat het de drukte voor de kerstvakantie was. Voor het eerst heb ik de kolder voor de kerst meegemaakt in de aannemerij. Men werkt dan alsof er geen leven meer is na het kerstreces; alles moet ervoor gedaan zijn. Misschien speelde ook mee dat men lijkt te vergeten op mijn werk dat ik echt geen 24 uur kan opvangen in mijn schamele 8 uurtjes. Tijdens de kerstvakantie daagde langzaam het besef dat deze moeheid niet normaal was. Ik pakte mijn agenda er bij en ging rekenen. Tot eind november was alles prima en toen opeens ging het niet meer. Ik zou toch geen... Nee, dat kan niet. Ik let altijd zo goed op. Maar de symptomen liegen niet. Ik heb er nog een week mentaal tegenaan gevochten, maar moest toen onder ogen zien dat het werkelijk zeer waarschijnlijk is dat ik gluten heb binnengekregen. Vooral omdat het Doortje net zo vergaat.
Er was een voordeel. Omdat ik het pas na vier weken onder ogen wilde zien, had ik theoretisch nog maar twee weken ellende te gaan.
Die laatste week spande de kroon. Papa belandde in het ziekenhuis met een suiker van 48. Oude tijden van zorg en heen-en-weer rennen herleefden. En ook die intieme momenten, zoals je ze vooral hebt als je samen in de sores zit.
De laatste zondagmiddag van mijn vakantie was het ineens over. "Mick" zei ik "Het lijkt of de zon weer schijnt.''
Later ontdekte Doortje dat het receptuur van onze vertrouwde rookworst was 'verbeterd'. Dat was de boosdoener geweest.