Tijdens de escalatie in ons familiebedrijf, door ons gekscherend de Botsingh genoemd, zijn we in contact gekomen met onze advocaat W. Blijkbaar had ik een vooroordeel over advocaten, want ik had een saaie man verwacht. Saai als de wetboeken waar advocaten mee leven en heel rationeel, omdat je die wetboeken anders niet doorkomt. Ik had het mis. W. is een aantrekkelijke man met een charmante manier van doen. Buitengewoon intelligent, maar niet buitengewoon rationeel. Er was altijd tijd voor een praatje en hij was begaan, oprecht begaan met ons. Eerst dacht ik dat dit misschien een klantvriendelijke houding was, je betaald zo'n man per slot van rekening, maar in de loop van de maanden realiseerde ik me dat het meer was.
Alle sores van de Botsingh is tot een ontknopingh gekomen. Ooit was het idee geboren om als papa van de chemo herstelt was W. uit te nodigen voor een etentje. Destijds leken zulke plannen bijna een bezwering. Onuitgesproken was er altijd de angst dat papa de beenmergtransplantatie niet door zou komen. Plannen maken voor erna gaf het hele traject positiviteit. Alsof we zo bij konden dragen aan een goede afloop.
Gisteravond was het zover. W. kwam met zijn drie kinderen. Toen ze op het grindpad liepen, hield de oudste jongen van bijna achttien W.'s hand stevig vast. De honden kwamen een kijkje nemen en de jongen werd panisch bang. De volwassen rust van zijn twee jongere zussen was tekenend. De honden werden opgesloten in T.'s kantoor, maar de eerste minuten bleef de jongen angstig. Hij wilde mij geen hand geven en liep al snel door het huis. W. vertelde dat zijn zoon M. heette en autistisch is. M. begon een eigen ontdekkingstocht door het huis, zonder de beperking van sociale omgangsregels of fatsoensnormen. Hij keek in alle pannen, vond een chipszak en maakte deze gelijk soldaat. Hij voelde aan voorwerpen, telde bladzijden en liep vooral veel rondjes. Met zijn zussen ging ik op zoek naar mijn meiden en onderwijl liet ik ze de benedenverdieping zien. We maakten opmerkelijk makkelijk contact en voor ik het wist waren we in een geanimeerd gesprek verwikkeld in de bibliotheek. M. raakte na een tijdje steeds meer op zijn gemak. Na een uurtje wilde hij met mij zelfs wel een rondje in de tuin lopen. Hij pakte mijn hand stevig vast en zette er flink de pas in. In sneltreinvaart snelde we langs de bloeiende borders en de vele beelden van mijn moeder, maar de genegenheid die hij ten toon spreidde raakte me. Tijdens het eten zat hij rustig aan tafel en verslond enorme porties friet. Hij rekende soepel uit hoeveel nachtjes het nog duurde voor mijn moeder jarig zou zijn. (251 nachtjes) Zijn zussen vonden speelkameraden in mijn meiden. Maar tussen de spelletjes door zaten ze aan tafel en praatten we. Het zijn fijne meiden met een brede interesse. Ik plaagde W. met de sla op zijn kin. ("Ik zou de sla niet op mijn kin smeren, maar in mijn mond stoppen.") Met de beginnende buik die hij niet heeft, maar wel vreest. En zijn dochters moesten met mij erom lachen. Ik bekende ook mijn domme vooroordelen over advocaten en daar moest hij weer om lachen en hij begreep dat ik hem niet saai en rationeel vond. Hij kenmerkt zich zelfs in zijn hartskracht. Tijdens het natafelen waren de meiden aan het spelen in de avondzon en M. liep zijn eigen rondjes door het huis. We zagen hem langere tijd aan de tafel in de bibliotheek zitten, op mijn moeders favoriete plek, bladerend in een mooi fotoboek. Opeens kwam hij even naar mij toe, streelde mijn wang en liep weer verder. Hij deed me denken aan zijn vader, als hij een terloops complimentje geeft.
W. verdeelde zijn aandacht. Tussen zijn zoon, die absoluut extra aandacht verlangt, zijn gastvrouw, waar hij bijzonder op gesteld is, mij en de rest van de aanwezigen. Soms zag ik dat dat moeilijk was. De tijd was misschien ook te kort. Hij had wel uren in de bibliotheek willen bladeren in de boeken, uren willen praten en lachen, uren in de zon op de court willen zitten en uren met Jeannette in het coachingskamertje willen vertoeven.
Bij het afscheid zei hij dat we elkaar absoluut weer zouden zien. Mijn hart zou dit heel graag willen, maar mijn hoofd weet niet wanneer en hoe.
Het was een buitengewone avond. M. heeft mijn hart gestolen. Ik zou soms wel met hem mee willen opgaan in de verwondering voor alles wat zijn pad kruist. De dochters van W. waren goed gezelschap en het was heel fijn om W. weer te zien.
Ik was wellicht wat nieuwsgierig en nogal direct, maar dat kende hij al van mij op zakelijk vlak. Mijn lief zei 's avonds dat mijn gebrek aan tact gecompenseerd werd door mijn zuivere bedoeling. W. heeft mijn vragen doorstaan en het zou inderdaad fijn zijn om elkaar weer te zien.
wat een mooie sfeerschets! Heel goed.
BeantwoordenVerwijderen