vrijdag 20 april 2012

Wachtkamer van geluk

Je moet altijd lang wachten bij hem. Heel lang.
Minimaal een uur, gemiddeld twee uur en ik heb er ook al eens bijna drie uur gezeten.
Ik bereid me er maar op voor. Gewapend met een mooi boek en wat lekkers ga ik naar hem toe.
Het valt me op dat iedereen anders reageert op die wachttijd. De nieuwelingen zijn gehaast. Ze kijken op hun horloge en zien hun planning in duigen vallen. Een telefoontje naar het werk: "Nee, ik red die afspraak niet." of "Nee, vandaag kom ik niet meer naar Den Haag." Een telefoontje naar thuis: "Zou je nog wat langer op de kinderen kunnen passen?" De meesten zijn berustend.
Er komen veel verschillende mensen met heel verschillende achtergronden. Ze hebben een gemeenschappelijke deler: ze zijn in meer of mindere mate ziek. Tijdens dat wachten ontmoet je elkaar. Het begint met een lachje van herkenning. "Je moet altijd wachten he." en soms kom je dan in gesprek. Een vluchtige blik in ontwrichte levens. Vaak vertelt degene die de zieke begeleid makkelijker dan de patiƫnt zelf. Een bezorgde vader: "En toen kom mijn zoon niets meer. Het bleek in de cashewnoten te zitten." Een sterke zoon: "Ze gaat sinds ze hier is niet meer achteruit gelukkig. Maar ze kan niet meer autorijden en daarom rij ik haar."
Soms kom je niet in gesprek, maar de stilte kan ook helend zijn.
Ik zit er altijd uren, maar ik vind het niet erg. Het lijkt of die wachtkamer gevuld is met geluk. Het is een moment van bezinning en ik ontmoet er bijzondere mensen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten